‘How to approach you?’

E | NL

Part of Someone's Diorama | Karin van Pinxteren | 2012

‘How to approach you?’

by Hanneke de Man

The art of Karin van Pinxteren deals with longing, the longing for contact with the other and with the surrounding space. At the same time there is an awareness that a true encounter is out of the question. Though the mind can run rampant and explore the most remote corners of space, the body remains subject to gravity. Similarly, the relationship with the other has its limits, due to our physical and psychological make-up and barriers in human communication.

These themes are the fabric of Karin van Pinxteren’s two-and three-dimensional work, her spatial installations and her performances. She has made her art a stage for the continual oscillation between the act of approaching and that of maintaining distance, between seeking intimacy and withdrawing into oneself. In her work this theme takes shape in austere spatial installations, poetic writings and concise images.

The ‘hostess’ is a recurrent motif. In her impeccable suit, this character constitutes the key figure in Van Pinxteren’s performances and video works; business-like and poised, but also helpful and obliging. Through the anonymity of her outfit, she inspires trust and directs the audience’s attention to herself. But the words in ink, stamped on the visitor’s hand by the artist’s alter ego as a means of granting access to her exhibitions, are less noncommittal than her appearance suggests. One text reads Inhale with me. Those very words now hover, as a small appeal, above the grey pedestal on which Van Pinxteren places the stamp and inkpad during her performances. Liberated from its role as an accessory, leaning against the wall, the pedestal itself has become sculpture. In a related work the artist seems to be grappling with her own role as well: I confess, I am an artist is the title of the projection in which the hostess, seen from behind, tries to maneuver the pedestal.

The ellipse is another motif that continues to crop up in work by Karin van Pinxteren. Since this motif resulted from a performance in 2000, it has begun to lead a life of its own. In her sculptures, the ellipse often functions as an opening. It constitutes a framework and gives the eye a focus. The oval-shaped opening can also offer a view to another space, or—as in her paintings—be the entrance to another dimension. In the architectonic installations—referred to as existential spaces—the light sources have an elliptical shape; in wall sculptures this is an abstraction of the human face.

Van Pinxteren explores her language of forms in an intuitive manner. It took two years for Court Dance II and a soft spot for a proposal (2009-2011) to assume its definitive form. Initially this wall sculpture consisted of seven white, perspectivally vanishing ellipses. Through the addition of a circle of soft carpet on the floor, the work acquired its sharpness. The red dot literally gives the visitor a place in the work, inviting him to participate in this court dance arranged by the artist.

‘I seek the greatest possible purity, a rendering that is completely crystallized,’ says Karin van Pinxteren about this process, in which she wishes to have the personal become anonymous and abstract in order to make room for the visitor. In the work In Correspondence with Anne, this chemistry between the artist and the viewer is expressed again with the lines ‘It’s mulled over dozens of times’ and ‘The surrounding voices change.’

The work is among the five segments of the series The Correspondents (2011-2012). For these five objects Van Pinxteren has made use of excerpts from correspondence with five other artists. Each object consists of two ellipses suspended in close proximity to each other; from them the excerpts emerge like rays of sun. In the beaming words of In Correspondence with Anne lies the gist of Court Dance II—and actually that of every intriguing work of art.

‘Part of Someone’s Diorama’ February 2012

translation by Beth O’Brien

______

 

‘How to approach you?’

door Hanneke de Man, februari 2012

De kunst van Karin van Pinxteren gaat over verlangen; het verlangen naar contact met de ander en met de omringende ruimte. Tegelijkertijd is er het besef dat van een werkelijke ontmoeting nooit sprake kan zijn. Gedachten kunnen nog zo’n hoge vlucht nemen en de ruimte tot in zijn verste uithoeken verkennen, maar het lichaam blijft onderworpen aan de zwaartekracht. Evenzo kent de verbintenis met de ander zijn grenzen, door onze fysieke en psychische gesteldheid en de barrières in het menselijk verkeer.

Deze thematiek vormt de verbindende schakel tussen Karin van Pinxterens twee- en driedimensionale werk, de ruimtelijke installaties en haar performances. Zij heeft haar kunst tot podium gemaakt voor de voort durende slingerbeweging tussen benaderen en afstand nemen, tussen het zoeken naar intimiteit en het zich naar binnen keren. In haar werk krijgt dit thema gestalte in sobere, ruimtelijke installaties, poëtische teksten en kernachtige beelden.

Een terugkerend motief is de ‘hostess’. In haar onberispelijk mantelpakje vormt dit personage de centrale figuur in de performances en video’s; zakelijk en beheerst, maar ook dienstbaar en voorkomend. Door haar anonieme outfit boezemt ze vertrouwen in en wendt het publiek zich tot haar. De tekst op het stempeltje waarmee de alter ego van de kunstenares de bezoekers toegang verschaft tot haar tentoonstellingen, is echter minder vrijblijvend dan haar verschijning doet vermoeden. Inhale with me luidt een van de teksten die ze de bezoekers op de hand drukte. Diezelfde woorden zweven nu als een minuscuul appèl boven de grijze sokkel die Van Pinxteren tijdens haar performances gebruikte voor stempel en stempelkussen. Bevrijd uit zijn functie van hulpstuk is de sokkel, leunend tegen de muur, zelf tot beeld geworden. Op een verwant werk lijkt ook de kunstenares met haar rol te worstelen; I confess, I am an artist luidt de titel van een diaprojectie waarop de hostess, gezien op de rug, met een onhandelbare sokkel manoeuvreert.

De ellips is een ander motief dat telkens terugkeert. Sinds het zijn oorsprong vond in een performance uit 2000, heeft het vele verschijningsvormen gekregen en is het een eigen leven gaan leiden. In de sculpturen fungeert de ellips vaak als opening. Ze vormt een kader en focust de blik. De ellipsvormige opening kan ook zicht bieden op een andere ruimte, of – zoals in de schilderijen- de toegang zijn tot een andere dimensie. In de wandsculpturen is de ellips de abstractie van het menselijk gelaat en in de architectonische installaties – existentiële ruimtes genaamd – hebben lichtbronnen vaak deze vorm.

Van Pinxteren benadert haar vormentaal op een zoekende, intuïtieve manier. Courtdance II and a soft spot for a proposal (2009-2011) kreeg pas na twee jaar zijn uiteindelijke vorm. Aanvankelijk bestond deze wandsculptuur enkel uit de zeven witte, perspectivisch verdwijnende ellipsen. Door toevoeging van een cirkel van zacht tapijt op de vloer kreeg het werk z’n scherpte. De rode stip geeft de bezoeker letterlijk een plek en nodigt hem uit deel te nemen aan deze door de kunstenares gearrangeerde hofdans.

‘Ik zoek naar een zo groot mogelijke zuiverheid, een weergave die helemaal is uitgekristalliseerd.’ zegt Karin van Pinxteren over dit ontstaansproces van een kunstwerk, waarin ze het persoonlijke anoniem en abstract wil maken om ruimte te bieden aan de toeschouwer. In het werk In briefwisseling met Anne wordt deze wisselwerking tussen kunstenaar en toeschouwer nogmaals verwoord in de dialoog: ‘Tientallen keren wordt het overdacht’ en ‘De stemmen eromheen veranderen’.

Het werk is onderdeel van de vijfdelige serie The Correspondents (2011-2012). Voor deze vijf objecten heeft Karin van Pinxteren gebruik gemaakt van flarden uit briefwisselingen met vijf andere kunstenaars. Ieder object bestaat uit twee, dicht bij elkaar gehangen ellipsen, waaruit briefcitaten als zonnestralen te voorschijn komen. In de stralenbundels van In briefwisseling met Anne ligt vervat wat er in Courtdance -en eigenlijk in elk intrigerend kunstwerk- gebeurt.

Part of Someone’s Diorama’ februari 2012